Tuesday, 2 September 2014

Op weg naar het Douanewetboek van de Unie

M.L. Schippers - WFR 2014/1048

De Rotterdamse haven is een fenomeen, al is het maar omdat zij lange tijd de grootste haven ter wereld was. Steden als Shanghai en Singapore zijn de Rotterdamse haven op mondiaal niveau inmiddels voorbijgestreefd. Dat neemt niet weg dat Rotterdam nog steeds het grootste haven- en industriecomplex van Europa herbergt. Het bevreemdt dan ook niet dat academici van de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR) aan de Rotterdamse haven verwante zaken in hun onderzoek betrekken. Zo wordt binnen het onderzoeksprogramma van de sectie Fiscaal Recht, “Fiscale autonomie en haar grenzen” genaamd, mede onderzoek verricht op het gebied van Maritime and Transport Tax Law.[2][2] De indirecte kant van het fiscale spectrum was hierbij — na het emeritaat van hoogleraar Kogels — minder belicht dan de directe zijde. Met het instellen van de leerstoel “Internationaal en Europees douanerecht” — een voor Nederland maar ook op Europees niveau unieke leerstoel, zo laat de decaan van de Erasmus School of Law (ESL) weten in haar welkomstwoord — is dit evenwicht hersteld. Sinds 1 augustus 2013 bekleedt Walter de Wit (1962) de zojuist genoemde leerstoel als bijzonder hoogleraar.

No comments:

Post a Comment